Rekenen en autisme (tips)
Onderstaande tips zijn uiterst compact geformuleerd. Meer dan eens bevat een enkele zin van een tip al een complete voorbereiding, handeling of situatie.
* Kale sommen gaan het beste en andere opgaven vanwege de context of vorm niet. Overweeg bij de voorbereiding of een lastige opgave wel of niet gemaakt moet worden. Zo ja, zie volgende tip.
* Contextsommen moeten vaak betekenisvol worden gemaakt. Check bij de leerling bepaalde woorden dus op betekenis en associeer daarbij met iets bekends.
* Bedenk bij de lesvoorbereiding – jouw autistische leerling een beetje kennende - wat bij de uitleg kan afleiden of wat verkeerd opgevat kan worden. Voorkomen is beter dan genezen.
* Zelfstandig aan de slag gaan is moeilijk, vooral de overgang van instructie naar verwerking. Laat de voordoe-werkelijkheid (op krijt- of smartboard) zo gelijk mogelijk zijn aan de verwerkingswerkelijkheid van het boek of (werk)schrift.
(Zo blijken de grote voordoe-werkbladen van de methode Veilig Leren Lezen een grote steun voor structuurarme kinderen, want ze kunnen makkelijker meedoen bij de voordoe-instructie en gaan makkelijker over tot de zelfstandige verwerking van de werkbladen.
Bij de nieuwste software van Malmberg bestaat om die reden de mogelijkheid om de opgave die besproken wordt, naar voren te halen.)
* Instructie zal zowel eenduidig moeten zijn als voordoematig (model-leren). Eenduidig: steeds dezelfde aanpak of strategie; voordoematig: de leerkracht doet steeds voor en de leerlingen doen na. Het voordoen/nadoen geschiedt stapsgewijs: verwoord eerst het eerste deel van de berekening (of laat dit doen) en noteer op bord of op groot voordoeblad en laat dit noteren ook door de leerlingen gebeuren; verwoord vervolgens het tweede deel van de berekening (of laat dit doen) en noteer op bord of op groot voordoeblad en laat dit noteren ook door de leerlingen gebeuren; enzovoort. (De ‘sterke’ leerlingen kunnen uiteraard zelfstandig reeds aan de slag en hoeven niet door het model-leren te worden opgehouden.
* Soorten opgaven die gekend worden, worden systematisch, leerling-nabij en duurzaam in een opzoekschriftje genoteerd. Systematisch zodat het makkelijk op te zoeken is (inhoudsopgave). Leerling-nabij: de oplossingsmanier wordt door het kind aangegeven (dat herkent hij/zij bij het opzoeken later eerder/beter dan zoals het door de leerkracht aangegeven zou zijn) en wordt door de leerkracht genoteerd (zo komt het netjes op papier). Duurzaam: geen schrift dat na een half jaar gebruik uit elkaar valt.
* Probeer bij het laten maken van opgaven tot een zo eenduidig mogelijk stappenpatroon te komen. In ieder geval moeten de te nemen stappen van de opdracht voor de leerling steeds bekend zijn. Dat betekent heel vaak: bekend gemaakt/verteld en met woorden op bord systematisch genoteerd worden.
* Een aan te raden steeds terugkerend instructiemodel voor rekenen is:
(1) warming up (even oefenen / automatiseren);
(Zorg voor een bekende en haalbare activiteit; gebruik eenvoudige en concrete taal; geef de start van de les aan met een pico en/of signaal; geef een voorbeeld of doe even samen; zorg voor succeservaringen en maak die zichtbaar; geef voldoende bedenktijd.)
(2) lesoverzicht/doel(en) geven/noteren;
(Visualiseer het lesoverzicht op een vaste plek; maak gebruik van pico’s en tekeningen; formuleer de doelen concreet en herkenbaar; ondersteun het doel met een voorbeeld; vertel wat hij/zij gaat leren en eventueel waarom.)
(3) voorkennis oproepen (vergelijk bijvoorbeeld de tweede tip) en (vaak: voordoe)instructie;
(Pre-teach; geef bij nieuwe stof tijd om te wennen; pas modeling toe; geef voldoende bedenktijd; bereid de leerling voor op een beurt; laat bepaalde werkvormen regelmatig terugkomen; maak indien nodig stappenplannen, maar bouw die wel voorzichtig af; ga na of de leerling de instructie heeft begrepen; ken de oplossingsmanier van het kind.)
(4) verwerking (waarbij verlengde instructie altijd noodzakelijk is);
Visualiseer de volgorde van de verschillende taken; structureer de opdrachten; loop hulprondes; zorg voor functionele informatie bij de opdrachten; geef aan welke informatie belangrijk is.)
(5) evaluatie.
(Evalueer kort en bondig in heldere taal; visualiseer de evaluatie.)
Tot zover de tips. In de cursus die Driestar Educatief biedt over rekenen en autisme, worden meer gedetailleerde aanwijzingen verstrekt.
Kees Geluk (orthodidact)
Archief > 2012
mei
april
- 24-04-12 - Rouw - literatuursuggesties
- 24-04-12 - Stoppen met stickeren?
- 24-04-12 - 'Lastige' jongens: extra aandacht binnen handelingsgericht werken!
- 24-04-12 - Zwakke rekenaars in de bovenbouw
- 24-04-12 - School- en/of groepsdoelstellingen AVI
- 24-04-12 - Functioneringsniveau vaststellen
- 24-04-12 - Acadin
- 24-04-12 - Willem Wind en hoogbegaafdheid op school
- 24-04-12 - Zeer zwakke rekenaars helpen met scaffolding
- 24-04-12 - Master Sen: “De opleiding staat heel dicht bij mijn eigen praktijk!"
maart
- 13-03-12 - Dagboek van een orthopedagoog
- 13-03-12 - De hoogbegaafheid survivalgids
- 13-03-12 - Tafels-oefenen.nl
- 13-03-12 - Singapore-rekenen
- 13-03-12 - Kurzweil en toetsen
- 13-03-12 - Gedifferentieerde grenswaarden nieuwe AVI-toetskaarten
- 13-03-12 - De handelingsgerichte ib’ er en de groepsbespreking
- 03-03-12 - Werken met leerlijnen in ParnasSys

