Ga direct naar
Inhoud

Realistisch rekenen wérkt

woensdag 06 juli 2011 Realistisch rekenen sluit aan bij de manier waarop kinderen leren. Lees meer over relatie pannenkoeken en wiskunde.

Verschillende betekenissen

Veel scholen werken door middel van verbetertrajecten aan de kwaliteit van hun rekenonderwijs. Dat betekent niet dat men terug moet naar het rekenonderwijs van vroeger en dat het huidige realistische rekenonderwijs mislukt is. Juist het realistisch rekenonderwijs zorgt voor betekenisvol leren door het gebruik van contexten.

Rekenen en wiskunde hebben alles te maken met de wereld om ons heen. Alledaagse situaties zoals autobussen, chocoladerepen, pannenkoeken noemen we contextopgaven. Contexten geven betekenis aan sommen en stimuleren dat leerlingen op hun eigen niveau met rekenopgaven aan de slag kunnen gaan. Kinderen kunnen de contexten herkennen en de getallen hebben betekenis. Het realistisch rekenonderwijs steekt veel tijd in deze begripsvorming. Dit start in de lagere groepen al met het ontdekken van de verschillende betekenissen die getallen hebben. Een 4 kan te maken hebben met de leeftijd van een kind, maar ook te maken hebben met het aantal snoepjes in een zakje. In de hogere groepen wordt er bij het aanleren van breuken gestart met het verdelen van pannenkoeken. Kinderen ontdekken al doende dat ¼ + ¼ hetzelfde is als de helft en zo zijn er wel meer sommen te bedenken.

Het huidige rekenonderwijs gebruikt betekenisvolle situaties als startpunt voor het leren rekenen. Uiteindelijk willen we met elkaar dat elke leerling zo om kan gaan met cijfers en de kwantitatieve wereld, dat ze goed kunnen functioneren in de maatschappij. Die heeft mensen nodig die op een adequate en creatieve manier kunnen omgaan met ingewikkelde vraagstukken. Om een aantal voorbeelden te noemen: nagaan of je genoeg inkomen hebt om je huis te financieren, het schatten of je genoeg geld hebt voor je boodschappen, bedenken hoeveel liter verf je nodig hebt voor het verven van je muren in je huiskamer, het begrijpen van de gegevens die je in de grafieken en tabellen in de krant of op internet leest.

Een misvatting is overigens  dat er binnen het realistisch rekenen niet geautomatiseerd wordt. Kinderen moeten zeker ook gewoon rijtjes met sommen kunnen maken.

Het denken stimuleren

Realistisch rekenen doet ook recht aan de verschillen tussen leerlingen. Kinderen worden gestimuleerd om actief een oplossingswijze voor een rekenprobleem te bedenken. Op deze wijze leren we ze zelfstandig aan de slag te gaan met rekenproblemen. Goede vragen stellen, is dan ook een belangrijke vaardigheid die leerkrachten moeten inzetten in hun onderwijs. Bij het bespreken van oplossingsmanieren moet de leerkracht samen met de kinderen op zoek gaan naar de handige strategieën, zodat de kinderen kun kennis en vaardigheden vergroten. Van belang is wel dat de leerkracht door middel van klassengesprekken en gesprekken met individuele leerlingen zicht krijgt op het oplossingsniveau van de kinderen.

Niet de methode, maar de leerkracht is degene die toch uiteindelijk het onderwijs maakt. Voor leerkrachten is het de uitdaging om te weten hoe de rekenontwikkeling bij leerlingen verloopt. Dit vraagt van de leerkracht veel kennis over de inhoud en didactiek van het rekenonderwijs. Zodra de leerkracht weet op welke manier de rekenontwikkeling bij de leerlingen verloopt en hij dit goed kan observeren en signaleren, dan pas kan de leerkracht het onderwijs op de leerlingen afstemmen. Goed rekenonderwijs geven vraagt dus heel wat vaardigheden en kennis. Ga in tien klassen een les bekijken in dezelfde groep met dezelfde methode, dan blijkt verrassend genoeg dat elke les weer anders is. In het verlengde daarvan blijkt dat elke leerkracht met zijn groep weer andere resultaten bereikt. Ligt dat aan de methode of de leerkracht?

Dat het rekenonderwijs geoptimaliseerd kan worden, daarvan ben ik overtuigd. Methode en leerkracht zijn daarbij belangrijk.

Wiskundig denken stimuleren

Realistisch rekenen is niet mislukt. Realistisch rekenen is een didactiek dat veel kennis en vaardigheden van de leerkracht vraagt en aansluit bij de manier waarop kinderen leren rekenen. Daarbij gaat een leerkracht zelf ook altijd op zoek naar de afstemming van zijn onderwijs op de leerlingen. Het doel is om het onderwijs in rekenen wiskunde zo goed mogelijk aan te laten sluiten bij het leren van kinderen. Realistisch rekenen is bij uitstek de didactiek om het wiskundig denken van kinderen te stimuleren. De didactiek sluit aan bij het leren van kinderen. Kinderen worden aan het nadenken gezet en gestimuleerd om ‘zelfstandig’ in interactie met medeleerlingen en leerkracht zich verder te ontwikkelen.

J. (Janneke) van Klaveren, onderwijsadviseur en docent rekenen

«Terug

Share |

Archief > 2012

mei

april

maart

februari

januari





Snelkoppelingen
Volg ons op